Naar boven ↑

Update

Nummer 40, 2026
Uitspraken van 1 oktober 2026 tot 7 oktober 2026
Redactie: prof. mr. dr. A.R. Houweling, mr. drs. T.J. Post, mr. O.G.M. Arkesteijn, mr. M. Assenberg van Eijsden, mr. M. Barendregt, mr. S.C. Frinking, mr. M.J. van Gils, mr. P.H. de Jongh, mr. C.P. Kuijer, mr. I.J. Schipper, mr. S.A. Slootweg, mr. V. Twilt, mr. R.R.T. van de Ven en mr. S. Wiersma-Helal.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u weer een nieuwe AR Update aan.

Internetconsultatie Zelfstandigenwet
Afgelopen donderdag is de internetconsultatie gestart voor de nieuwe Zelfstandigenwet. Met de Zelfstandigenwet worden twee toetsen ingevoerd: de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets. Er wordt een nieuwe bepaling – lid 2 – in de wet toegevoegd die regelt dat als aan deze twee toetsen wordt voldaan er (in ieder geval) geen sprake is van gezag. Er kan dan dus als zelfstandige worden gewerkt. Als niet voldaan wordt aan één toets of beide toetsen, dan is er niet gelijk sprake van een arbeidsovereenkomst. Er is dan alleen geen zekerheid dat je als zelfstandige kunt werken op basis van de Zelfstandigenwet. Dit moet dan worden beoordeeld op grond van de huidige regels (het bestaande toetsingskader van artikel 7:610 lid 1 BW). Dan kan het zijn dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Maar ook kan het zijn dat op grond van de huidige regels als zelfstandige kan worden gewerkt.

Zelfstandigentoets
De zelfstandigentoets kijkt naar de persoon van de zelfstandige en hoe hij/zij zich in het economisch verkeer gedraagt.

(1) De zelfstandige voldoet aan de basisvoorwaarden om als zelfstandige te kunnen werken:

  • KVK- inschrijving
  • Btw-nummer
  • Aparte rekening voor zakelijke transacties
  • Is zelf verantwoordelijk voor de facturatie (mag door een ander worden uitgevoerd)
  • Hanteert een betalingstermijn voor klanten en opdrachtgevers
  • Verricht zelf betalingen aan derden en kan aangesproken worden op te late betaling.

(2) Meerdere opdrachtgevers: de zelfstandige heeft in het lopende kalender jaar en het vorige kalenderjaar in totaal ten minste drie verschillende opdrachtgevers of klanten gehad.

(3) De zelfstandige besteedt jaarlijks een x-bedrag aan voorzieningen tegen risico’s die horen bij het werken als zelfstandig ondernemer. De volgende voorzieningen tellen hierbij (mogelijk) mee:

  • Een verzekering voor (langdurige) arbeidsongeschiktheid
  • Voorziening voor (kortdurende) ziekte
  • Een pensioenvoorziening of pensioensparen in tweede of derde pijler
  • Bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering
  • Bedrijfsschadeverzekering
  • Beroepsaansprakelijkheidsverzekering
  • Rechtsbijstandverzekering voor bedrijven.

Werkrelatietoets
De werkrelatietoets ziet op de vrijheid van een zelfstandige (diens onafhankelijkheid, en dus ontbreken van ‘gezag’) binnen een opdracht.

(1) Beide partijen hebben de wil om te werken buiten een arbeidsovereenkomst.

(2) De zelfstandige is vrij om te bepalen hoe de werkzaamheden worden uitgevoerd. De opdrachtgever mag wel instructies geven over het wat.

(3) De zelfstandige is vrij om te bepalen op welke tijden en op welke locatie de werkzaamheden worden uitgevoerd. Er zijn twee uitzonderingen hierbij:

  • Locatiegebonden werk: werk dat fysiek nergens anders kan.
  • Tijdsgebonden werk: werk dat alleen op bepaalde momenten mogelijk is.

(4) De zelfstandige werkt voor eigen rekening en risico.

  • De werkende kan economische baten genieten.
  • De werkende loopt financiële risico’s bij verrichte arbeid

Klik hier om de internetconsultatie te raadplegen.

Rechtspraak
Graag wijzen wij u op de volgende uitspraken.

Hof: gedurende ruim vijf jaar lang (grotendeels) vanuit Ecuador werken, levert geen verworven recht op
In AR 2026-1523 oordeelt het hof dat er geen sprake is van een verworven recht op werken vanuit Ecuador (tot aan pensioengerechtigde leeftijd) door werknemer die vanaf 2020 (stilzwijgend) grotendeels vanuit dat land zijn werkzaamheden voor Achmea heeft verricht. De kantonrechter nam wel een arbeidsvoorwaarde aan en overwoog dat er geen sprake was van zwaarwichtige bedrijfsbelangen die wijziging van de afspraak rechtvaardigden. Met werknemer is het hof van oordeel dat het op de weg van Achmea, een grote organisatie met een professionele HR-afdeling, had gelegen duidelijker aan te geven, zowel mondeling als schriftelijk, dat er sprake was van een tijdelijke situatie. Het hof kan echter de stap naar de conclusie dat daarmee sprake is van een arbeidsvoorwaarde, inhoudende dat werknemer tot zijn pensioen vanuit Ecuador voor Achmea mag blijven werken, niet zetten. 

Hof: billijke vergoeding mag afschrikwekkend doel hebben
In AR 2026-1519 oordeelt het hof dat het ontslag op staande voet van een chronisch zieke werknemer onterecht is. Het (onderbuik)gevoel van werkgeefster dat werknemer zich zieker voordeed dan hij in werkelijkheid was, is niet komen vast te staan. Voor de omvang van de billijke vergoeding is in dit concrete geval het afschrikwekkend doel belangrijk. Werkgeefster heeft verklaard dat zij achteraf bezien wellicht met meer nuance had kunnen handelen, maar heeft geen afstand genomen van het ernstig verwijtbaar gedrag. Werkgeefster ziet de ernstige verwijtbaarheid van haar gedrag kennelijk niet in. Voor het hof is die ernstige verwijtbaarheid evident. Gezien de ernst van het verwijtbaar handelen van werkgeefster en de geringe mate waarin zij hierin inzicht heeft getoond, is het hof van oordeel dat niet kan worden volstaan met een billijke vergoeding waarbij enkel het inkomensverlies van werknemer wordt gecompenseerd. In de gegeven omstandigheden is het hof evenwel van oordeel dat de door de kantonrechter toegewezen billijke vergoeding van € 50.000 passend is.

Ktr.: omvangrijke nevenactiviteit als zzp’er tijdens dienstverband ambtenaar leidt tot rechtsgeldig ontslag op staande voet
In  AR 2026-1565 oordeelt de kantonrechter het ontslag op staande voet van werkneemster rechtsgeldig. Werkneemster is regelmatig afwezig en niet beschikbaar voor werkgever omdat zij omvangrijke nevenwerkzaamheden als zzp’er voor een andere gemeente verricht (20 uur per week). Dat zij haar werktijden flexibel mocht indelen, maakt dit niet anders. Daarbij weegt mee dat zij als ambtenaar aan bijzondere eisen van integriteit en betrouwbaarheid moest voldoen en dat zij eerder was aangesproken op haar aanwezigheid en het nakomen van afspraken. Het niet melden van de nevenwerkzaamheden en het verrichten daarvan tijdens werktijd voor werkgeefster vormen gezamenlijk een ernstige inbreuk op het vertrouwen en leveren een dringende reden voor ontslag op staande voet op. Het handelen is bovendien ernstig verwijtbaar, zodat geen recht bestaat op een transitievergoeding. 

Ktr.: niet verlengen tijdelijk contract met referte aan autisme-indicatie is in strijd met Wet gelijke behandeling handicap en chronische ziekte
In AR 2026-1542 oordeelt de kantonrechter als volgt. Hoewel een werkgever in beginsel vrij is een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet voort te zetten, wordt in dit geval vermoed dat de beslissing mede is ingegeven door verboden onderscheid in de zin van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte. Uit de e-mail van 2 september 2025 volgt dat werkgeefster bij de beslissing heeft gerefereerd aan de autisme-indicatie van werknemer. De kantonrechter stelt daarom vast dat bij de beëindiging sprake is geweest van discriminatie. Dat levert ernstig verwijtbaar handelen van werkgeefster op en rechtvaardigt een billijke vergoeding. De kantonrechter acht € 5.000 aan billijke vergoeding passend. 

Inzenden eigen rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij ingezonden rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u zelf over een nog niet gepubliceerde uitspraak die relevant is voor de arbeidsrechtpraktijk en rechtsontwikkeling, klik dan hier om de geanonimiseerde uitspraak in te zenden.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.

Rest ons nog u een bijzonder fijne dag toe te wensen.

Met vriendelijke groet,

Prof. mr. A.R. (Ruben) Houweling en mr. drs. T.J. (Theo) Post (hoofdredactie)

Hof

Rechtbank