Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/United Parcel Service Nederland B.V.
Rechtbank Oost-Brabant, 30 juni 2016

Ontslag op staande voet wegens wegenemen drie pennen van een klant is rechtsgeldig. Vanwege relatief kleine misstap wordt een gedeeltelijke transitievergoeding toegekend. Werknemer is wel gefixeerde schadevergoeding verschuldigd, omdat sprake is van schuld of opzet bij het veroorzaken van de dringende reden.

Werknemer is sinds 2003 in dienst van UPS als Driver. Hij is op staande voet ontslagen wegens het wegnemen van goederen van een klant. Werknemer betwist dat sprake is van een dringende reden. Het is volgens hem onjuist dat hij pennen uit een beschadigd pakket heeft meegenomen. Werknemer verzoekt een vergoeding wegens onregelmatige opzegging en de transitievergoeding (€ 21.327,06).

De kantonrechter oordeelt als volgt. Uit verklaringen volgt dat werknemer tijdens het lossen van pakketten uit de container ten minste twee pennen heeft gepakt, waarvan hij er één aan X (medewerker SBR) heeft gegeven en ten minste één in zijn borstzak heeft gestopt. Volgens X heeft werknemer de pennen uit een beschadigd pakket gepakt, terwijl werknemer aangeeft dat de pennen tijdens het lossen op de grond vielen. Wat daarvan ook moge zijn, werknemer bestrijdt niet dat de pennen, zoals UPS stelt, eigendom zijn van een klant. Dit betekent dat vaststaat dat werknemer zich goederen van een klant heeft toegeëigend. Dit brengt mee dat werknemer niet alleen zijn verplichtingen grovelijk heeft veronachtzaamd, doch ook het vertrouwen van UPS ernstig heeft beschadigd, mede gelet op de aard van zijn functie en de zorgvuldigheid die hij in deze functie in acht dient te nemen. De aan het ontslag ten grondslag gelegde dringende reden staat vast. Hoewel aan werknemer (ten tijde van ontslag 55 jaar oud) kan worden toegegeven dat het ontslag op staande voet voor hem ernstige gevolgen heeft, weegt dit, gelet op de aard en ernst van de dringende reden, niet op tegen het belang van UPS om het dienstverband met onmiddellijke ingang te beëindigen. Er is geen sprake van een onregelmatig ontslag, zodat het verzoek op dit punt wordt afgewezen.

Indien sprake is van een ontslag op staande voet is in beginsel geen transitievergoeding verschuldigd. De kantonrechter overweegt dat op grond van lid 8 van artikel 7:673 BW de transitievergoeding geheel of gedeeltelijk kan worden toegekend indien het niet toekennen ervan naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De wetgever heeft voorts in de memorie van toelichting aangegeven dat hierbij kan worden gedacht ‘aan een relatief kleine misstap na een heel lang dienstverband’ (Kamerstukken II 2013/14, 33818, 3, p. 113). Hoewel werknemer door het wegnemen van pennen die toebehoren aan een klant van UPS, en daarbij een medewerker van SBR te betrekken, een dringende reden heeft gegeven voor UPS om hem op staande voet te ontslaan, moet het verwijt in het licht van het langdurig dienstverband waarin werknemer altijd goed heeft gefunctioneerd, worden geduid als een relatief kleine misstap. Er wordt een gedeeltelijke transitievergoeding toegekend van € 10.663,53 bruto. UPS heeft verzocht werknemer te veroordelen tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding. Er is sprake van schuld of opzet aan de zijde van werknemer bij het veroorzaken van de dringende reden. Het verzoek van UPS tot betaling van gefixeerde schadevergoeding van € 9.409 wordt dan ook toegewezen.